Boekreview: Adrianus VI

Adrianus VI was de enige paus afkomstig uit de Nederlanden, na hem zou het tot 1978 duren eer er met Karl Wojtila opnieuw een niet-Italiaan tot paus werd verkozen. Als jarenlang hoogleraar in Leuven is hij bovendien ook belangrijk voor de geschiedenis van de (oude) KU Leuven. Theoloog Twan Geurts schreef een boeiende biografie van hem.

ADRIANUS_VIHet boek begint met het overlijden van Adrianus’ voorganger paus Leo X, telg van de familie Medici en vooral bekend als een spilzieke renaissancepaus. Uit het relaas van het veertien dagen durende conclaaf in een weinig comfortabel uitgerust Sixtijnse Kapel blijkt het onverwachte karakter van Adrianus’ verkiezing op 31 augustus 1522. Hijzelf was niet eens aanwezig en werd tijdens de elfde stemronde gekozen als een uitgesproken compromis nadat andere kandidaten niet het vereiste aantal stemmen haalden. Pas twee weken later vernam Adrianus in Spanje zijn verkiezing. Het was ook voor hem een totale verrassing en hij behield zijn doopnaam als pausnaam. Maar hij beschikte wel degelijk over belangrijke kwaliteiten: hij was erg vroom, had veel bestuurservaring en was een vertrouweling van Karel V, toen de machtigste man in Europa. Hij was ook een vriend van Erasmus, die hem per brief feliciteerde met zijn verkiezing. Ze hadden elkaar in 1502 leren kennen aan de universiteit van Leuven.

Daarna vertelt de auteur Adrianus’ levensverhaal, vanaf zijn kinderjaren in Utrecht waar hij werd geboren in 1459 als Adriaan Floriszoon Boeyens. Hij bezocht er de Latijnse School, kreeg er les van de Broeders van het Gemene Leven en kwam zo in contact met de Moderne Devotie van Geert Grote. In 1490 werd hij tot priester gewijd. Net als Geert Grote zou ook Adrianus streven naar hervormingen binnen de Kerk. In 1476 liet hij zich inschrijven als student van de pedagogie Het Varken aan de Artesfaculteit: hoofdstuk 6 handelt over zijn Leuvense jaren. Aan de Artesfaculteit werd hij daarna hoogleraar waar bekend stond als een vernieuwer en uitgroeide tot de belangrijkste theoloog van de universiteit. Met zijn vooruitstrevende en kritische geschriften verwierf hij faam in heel Europa. Hij was ook tweemaal rector (in 1493 en 1500-1501). In 1515 verliet hij de Universiteit om in dienst te treden van de jonge Karel V als diplomaat. Twee jaar later spijkerde Luther zijn fameuze 95 stellingen aan de kerkdeur van Wittenberg. Uit deze hoek dreigde groot gevaar voor de katholieke Kerk, besefte Adrianus al snel.

Daarna volgen een aantal hoofdstukken over Adrianus’ werkzaamheden in dienst van Karel V: hij was o.a. groot inquisiteur en korte tijd regent van Spanje. Uiteraard komt Adrianianus’ pontificaat uitgebreid aan bod. Het was zeker geen doorslaand succes: hij erfde een lege schatkist en als vrome monnik bleef hij steeds een vreemde in het mondaine Rome. Toch was hij vastbesloten om belangrijke hervormingen door te voeren en de spilzucht en corruptie in de Heilige Stad te lijf te gaan. Ook hield hij er een erg sobere levensstijl op na. Zijn taak werd echter fel bemoeilijkt door de uitbraak van de pest die Rome teisterde. Hij probeerde paal en perk te stellen aan de aflatenhandel, maar dit bleek moeilijker te zijn dan hij had gedacht. Zo maakte hij zich uiteraard niet geliefd bij de geestelijkheid in Rome en alles bleef dan ook vrijwel bij het oude. Adrianus probeerde in Duitsland alsnog de gemoederen te bedaren, maar slaagde daar niet in: de ideeën van Luther hadden al te veel wortel geschoten. Zijn Instructio maakte vooral duidelijk hoe groot de tegenstelling was tussen roomse katholieken en evangelische hervormers. Als paus steunde Adrianus de strijd van Karel V tegen de Turken en tegen de Franse koning Frans I. Een leger had hij echter niet ter beschikking.

In augustus 1523 begon zijn gezondheid achteruit te gaan om nooit meer helemaal te herstellen. Op 14 september 1523 overleed Adrianus van Utrecht, 64 jaar oud. Zijn pontificaat duurde maar iets meer dan een jaar. Het gerucht ging dat hij was vergiftigd, maar dit is nooit bewezen. Twee weken later werd kardinaal Giulio de Medici gekozen tot Clemens VII en leek alles weer in zijn oude plooi te vallen. Het Concilie van Trente (dat begon in 1537) zou de Kerk wel ingrijpend hervormen. Adrianus geldt dan ook als een vroege hervormer in Rome: “Adrianus VI had tot het uiterste geprobeerd de katholieke kerk aan te zetten tot een hervorming, maar bleef een roepende in de woestijn”. (p. 283) Tientallen jaren later zouden zijn hervormingsvoorstellen alsnog hun beslag krijgen. “Een recente dissertatie van Gert Gielis (verdedigd aan de KU Leuven) laat zien dat Adrianus’ leerstellingen uit Leuven een aanzienlijk aandeel hebben gehad in de hervormingen van Trente.” (p. 285) Tegenwoordig geldt Adrianus als een voorloper van de contrareformatie. In Leuven is het Pauscollege naar hem genoemd.

De enige Nederlandse paus krijgt met deze biografie de aandacht die hij verdient: de auteur toont goed het belang van Adrianus aan als theoloog en als paus. Dit vlot geschreven en met mooie illustraties uitgevoerde boek kan bovendien ook een breed publiek aanspreken. Een bronnenoverzicht, een literatuurlijst, een verklarende woordenlijst, jaartallenoverzicht en register ronden af.

Twan Geurts. De Nederlandse paus. Adrianus van Utrecht 1459-1523. Amsterdam, 2017, Balans, 320 p.

Sam Van Clemen

Be Sociable, Share!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>